top of page
  • Biem D'hondt

Ekkow Huygebeart

Bijgewerkt op: 17 apr.

Zo gallant dat ze de fototas draagt die we telkens vergeten, neemt Ekkow ons mee op ontdekking in haar wereld. We praten over kunst en over zien/kijken, over reizen en eindigen met een hele lijst queer films en boeken. Ik vraag of haar gay-zijn en fotografie verbonden zijn, maar het gaat al heel snel over de zoektocht naar haar plaats in de wereld.



'Vreselijk vind ik het om binnen een vast kader te moeten denken, het is alsof m’n zintuigen afgedekt worden en ik met een verlammend gevoel zwalpend ronddwaal. Daarom voel ik me zo aangetrokken tot fotografie, voor mij bestaan daar geen regels.'


De jacht naar meer, die onstilbare zucht naar anders, het ‘wat heb ik te betekenen’ is altijd aanwezig op de achtergrond, door beelden te maken kan ze die melancholie gebruiken. Haar zoektocht naar beweging, contrast, toon en (on)scherpte convergeert in onvoorspelbare verbindingen en vullen haar met verborgen dimensies van denken en zien.

‘M’n hoofd zit vol met beelden, geen woorden, en symbolen, driehoeken, vierkanten, gefragmenteerd, onuitgesproken half gevormde verwijzingen (lacht), ik praat niet zo graag over mezelf, ik ben wel sociaal hoor, maar dat binnenste.. Voor mij is het belangrijkste en mooiste het bewust zien en het kijken, dat komt ook vóór woorden. Iets niet zien is veel moeilijker dan iets niet zeggen, dan moet je bewust je ogen dichtdoen en je ook afsluiten voor ervaringen die anders onvermijdelijk bij je binnenkomen. Het ervaren van schoonheid, de zoektocht naar het esthetische heelt iets in me.’

Terwijl ze ons meeneemt naar IMAGROD, het kunstwerk van Nick Ervinck aan de kapel op de site van het Militair Hospitaal in Oostende denk ik aan wat Patrick De Rynck schreef over het kijken naar kunstwerken: ’Het is een illusie dat je onbemiddeld kunt kijken, je kijkt altijd vanuit een kader. Enerzijds is dat je opvoeding, het onderwijs dat je hebt genoten, persoonlijke ervaringen. Anderzijds is dat het kader van onze tijd: de huidige schoonheidsidealen, wat tot de canon is gaan behoren, de hedendaagse morele mores. Van dat kader moet je mensen bewust maken, juist om het kijken open te kunnen breken. In die zin kijken kunstwerken ook terug: de bagage die jij meeneemt in je kijken wordt door het werk als het ware gereflecteerd. Het kunstwerk blijft hetzelfde, maar wordt op allerlei verschillende manieren bekeken.’


Sommige mensen barsten in tranen uit als ze een schilderij van Rothko bekijken, Marina Abramović had hetzelfde effect op haar toeschouwers tijdens haar performance ‘The Artist is Present’. Er stond een lege stoel waar je op mocht gaan zitten en zolang je bleef zitten, bleef Abramović je in de ogen kijken. Kunst confronteert ons met de ervaring ervan, buiten het bereik van woorden, het kijken vóór woorden dus, de naakte ervaring. Het overrompelt je en sleept je mee.

Een melancholische geest die (even) niks heeft met structuur en de geordende regelmaat van elke dag, kan troost vinden in schoonheid. Kant schrijft hoe stijve regelmaat iets weerzinwekkends heeft. Teveel symmetrie en orde haalt de verrassing uit de ervaring, van eentonigheid worden we moe. De wetenschapper Bacon formuleerde het zo: ‘Er is geen uitmuntende schoonheid die niet iets vreemds in verhouding heeft.’ Dus laat ons ‘vreemd in verhouding’ zijn.

Als het nu over kunst gaat en/of over het getouwtrek in het hoofd, alles wat denken inspireert is waardevol.


Instagram : @ekkow_photography


Tekst : Biem D'hondt

Foto : Marijn Achten

Comments


bottom of page